De Europese tuinbranche staat voor een structurele uitdaging, waarbij concurrentie met China op het gebied van productie van tuinartikelen steeds moeilijker blijkt. Volgens Peter Paul Kleinbussink, algemeen directeur van Intratuin, is de afhankelijkheid van de Chinese productieketen inmiddels onvermijdelijk geworden.
© Natureactiv | Dreamstime
"Europa kan niet concurreren met China op het gebied van tuinartikelen", stelt Kleinbussink. Pogingen om productie terug te halen naar Europa hebben tot nu toe onvoldoende resultaat opgeleverd. "We hebben wel geprobeerd de productieketen terug te halen naar Europa, maar tegen de Chinese fabrieken valt niet op te concurreren." Daarbij is gekeken naar alternatieven binnen Europa, onder meer in Zuid- en Oost-Europa. "We hebben naar de mogelijkheden in Portugal en Roemenië gekeken maar we hebben de slag niet kunnen maken om de productieketen naar Europa te halen", aldus Kleinbussink. "Het gat tussen Europa en China is alleen maar groter geworden de afgelopen jaren."
Naast kosten speelt ook kwaliteit een steeds grotere rol in de internationale concurrentie. Volgens Kleinbussink is het beeld van lage kwaliteit niet langer van toepassing: "Het is niet meer zo dat er alleen maar rotzooi uit China komt". Hij benadrukt dat Chinese producenten op meerdere vlakken vooruitgang hebben geboekt. "Op grote delen hebben we als Europa de strijd verloren. Tuinartikelen uit Europa hebben simpelweg niet de kwaliteit, de afwerking en verpakking van tuinartikelen die in China geproduceerd worden."
Toch blijft een deel van de productie binnen Europa behouden. Zo worden onder meer aardewerk en glas geproduceerd in Portugal, en zijn er activiteiten in Polen en Nederland. Tegelijkertijd ligt de expertise voor bepaalde productgroepen, zoals tuinmeubelen, volgens Kleinbussink nadrukkelijk in China.
De ontwikkelingen illustreren een verschuiving in de internationale productieketen, waarbij Europese spelers steeds vaker afhankelijk zijn van Aziatische productiecapaciteit en kennis.
Bron: BNR