De sector interieurbouw en meubelindustrie moet er alles aan doen om werknemers te behouden en vooral ook nieuwe mensen aan te trekken. Dat kan met onder andere een goede cao, naleving van deze afspraken en waardering van vakmanschap. Dat schrijft FNV Bouwen en Wonen in de visie op de toekomst in de branche die de vakbond woensdag heeft neergelegd tijdens het eerste cao-overleg. Gisteren, donderdag 26 maart, gaf CBM haar op 'visie van de toekomst' voor de meubelindustrie in een artikel op Wonen360.
© Yuri Arcurs | Dreamstime
Thérèse Beurskens, bestuurder FNV Bouwen en Wonen: 'We moeten als branche echt aan de bak. Vergrijzing en dalende instroom van jongeren bedreigen de toekomst van de branche. Terwijl de vraag naar maatwerk en kwaliteit toeneemt, gaan de ervaren vakmensen met pensioen en kiezen jongeren steeds vaker voor werk in andere sectoren. Het is essentieel dat er wordt geïnvesteerd in het behouden van huidige medewerkers en het aantrekken van nieuw personeel.' Volgens de vakbond zijn dat essentiële voorwaarden voor een eerlijke, vakbekwame en toekomstbestendige arbeidsmarkt die meebeweegt met technologische, demografische en economische ontwikkelingen.
In het eerste cao-overleg tussen vakbonden en werkgeversorganisatie CMB bleek dat alle partijen hier de urgentie van inzien, toch verwacht de vakbond stevige onderhandelingen.
Belangrijkste cao-eisen
- 6% salarisverhoging per 1 juli 2026.
- Lonen die automatisch meestijgen met de prijzen van de boodschappen (automatische prijscompensatie).
- Jaarlijkse bonus voor leermeesters van € 500 bruto.
- Een stagevergoeding van € 500 bruto per maand.
- Uitbreiding van de huidige zwaarwerkregeling (RVU) tot drie jaar voor de AOW-leeftijd.
- Een protocolafspraak voor mantelzorg.
- Reistijd bij langdurige werkreizen is werktijd.
20.000 werknemers
Onder de cao Interieurbouw en Meubelindustrie vallen bijna 20.000 werknemers. Het tweede cao-overleg tussen vakbonden en werkgeversorganisatie CMB is vrijdag 10 april.
Meer informatie:
FNV Bouwen en Wonen
www.fnv.nl