De textielindustrie onderzoekt hoe microplasticemissies in alle fasen van de productie en het gebruik kunnen worden beperkt. Recent onderzoek laat zien dat materiaalkeuze, weeftechniek, industriële reiniging en speciale wasmachinefilters het afgeven van microvezels sterk kunnen terugdringen.
© PlanetCare
Synthetische vezels blijven dominant in textiel vanwege hun lage prijs, sterkte, lichtgewicht en waterafstotende eigenschappen. Jaarlijks verwerkt de sector circa een half miljoen ton synthetische vezels. Tegelijkertijd veroorzaken deze materialen microplasticverlies tijdens productie, gebruik en afvalfase. Bij het wassen van kleding komen microvezels via het afvalwater in het milieu terecht, terwijl industrieel reinigen dankzij filtersystemen vaak meer dan 90% opvangt. Technieken zoals centrifugaal scheiding, ultrafijne mechanische filters en membraanfiltratie spelen hierbij een belangrijke rol.
Ook ontwerpkeuzes kunnen de emissie beperken. Losvezelige stoffen zoals fleece verliezen relatief veel vezels. Door sterkere vezels te spinnen, strakkere weefsels te gebruiken en nabehandelingen toe te passen, kan shedding met 80 tot 90 procent worden verminderd, aldus het Microfibre Consortium. Deze aanpak is relevant voor zowel mode- als technisch textiel en interieurstoffen.
© PlanetCare
Op beleidsniveau zet de Europese Unie in op beperkingen van opzettelijk toegevoegde microplastics (REACH 2023), nieuwe ecodesign-regels (2024) en strengere textielafvalregels (2025). Daarnaast worden standaarden voor vezelverlies en wasmachinefilters ontwikkeld, gekoppeld aan uitgebreide producentenverantwoordelijkheid.
De sector erkent dat textiel niet langer alleen een consumentenproduct is, maar een milieutechnisch product. De focus verschuift naar duurzaamheid, circulaire economie en het minimaliseren van vezeluitstoot door ontwerp, materiaalkeuze en innovatie.
Bron: Textirama