Detailhandel moet nadrukkelijker worden meegenomen in de toekomstige ruimtelijke inrichting van Nederland. Dat stelt INretail in een reactie op de Ontwerp-Nota Ruimte, het plan van de rijksoverheid voor de verdeling van ruimte tot 2050. Op 9 maart bespreekt de Tweede Kamer het voorstel.

Volgens de brancheorganisatie erkent de ontwerpnota wel het belang van voorzieningen en binnensteden, maar ontbreekt er nog aandacht voor de rol van detailhandel op andere locaties, zoals woonboulevards en perifere winkelgebieden. INretail pleit daarom voor drie aanpassingen.
Allereerst zou detailhandel als basisvoorziening moeten worden erkend. Winkels dragen volgens de organisatie niet alleen bij aan werkgelegenheid en gemak, maar ook aan de leefbaarheid van buurten en steden. Het bestaande netwerk van winkelgebieden, van dorpskernen tot woonboulevards, verdient daarom een duidelijke plek in ruimtelijk beleid.
Daarnaast vraagt INretail om meer richting voor de ontwikkeling van binnensteden. Door de groei van online winkelen staat het winkelaanbod op veel plekken onder druk, terwijl tegelijkertijd kansen ontstaan voor een bredere functiemix met horeca, cultuur, werk en ontmoetingsplekken. Duidelijke kaders in de Nota Ruimte kunnen gemeenten helpen bij het vitaal houden van stads- en dorpscentra.
Tot slot waarschuwt de organisatie voor het verdwijnen van woonboulevards en andere PDV-locaties door woningbouw. Deze locaties bieden ruimte aan grote winkels die niet in binnensteden passen. Volgens INretail hoeven wonen en retail elkaar niet uit te sluiten, mits ontwikkelingen zorgvuldig en planmatig worden vormgegeven.
Bron: INretail