Het gebruik van airconditioners in Nederlandse woningen verschuift steeds vaker van koelen naar verwarmen, blijkt uit recent onderzoek van TNO. Deze trend is belangrijk voor het actualiseren van energiemodellen, beleidskeuzes en netcapaciteitsramingen.
© Auremar | Dreamstime
Uit het vragenlijstonderzoek van TNO blijkt dat gemiddeld 85% van de huishoudens met een vaste airco deze ook inzet om te verwarmen. Het gebruik is het hoogst onder koopwoningen (93%), gevolgd door sociale huurwoningen (77%) en particuliere huurwoningen (65%). De meeste systemen zijn relatief recent: 84% werd sinds 2020 aangeschaft en 75% gebruikt de airco sinds 2022 of later voor verwarming.
Een derde van de gebruikers verwarmt inmiddels met de airco als hoofdbron, vooral de woonkamer (64%) en de hoofdslaapkamer (40%). Tijdens het stookseizoen 2024-2025 stond de airco in de woonkamer gemiddeld 118 dagen aan, zo'n zes uur per dag.
Het gebruik vertoont een duidelijke avondpiek tussen 18.00 en 23.00 uur, wanneer ongeveer 80% van de huishoudens de airco activeert. Deze piek vergroot de druk op het elektriciteitsnet, wat volgens TNO aandacht vraagt bij netcapaciteitsplanning.
Gebruikers ervaren vooral comfort, snelle opwarming en lagere kosten als voordelen, waardoor zeven op de tien de toepassing zouden aanraden. Van huishoudens zonder airco overweegt 17% verwarming met een airco in de toekomst; bij huidige gebruikers is dat 45%.
TNO benadrukt het belang van vervolgonderzoek naar de duurzaamheid en efficiëntie van aircoverwarming, inclusief energieverbruik, CO₂-uitstoot, materiaalgebruik, koudemiddelen en gezondheidsaspecten. Ook slimme regelstrategieën kunnen bijdragen aan betaalbaar en energiezuinig verwarmen.
Meer informatie:
TNO
www.tno.nl