Voor veel reizigers blijft een dutje doen in vliegtuig, trein of auto een uitdaging. Onderzoek van Gerbera Vledder, promovendus aan de TU Delft, laat zien dat comfortabel slapen onderweg wél mogelijk is, mits stoelen en voorzieningen slim worden ontworpen.
© Hupeng | Dreamstime
Treinstoellen. Inzet: Gerbera Vledder, Postdoctoral researcher.
Voor haar proefschrift Wegen naar meer comfort voor toekomstige mobiliteit werkte Vledder met proefpersonen in zowel realistische omgevingen, zoals een speciaal ingerichte vliegtuigvlucht, als in het laboratorium. Daarbij bleek dat zelfs een rustige universiteitsruimte moeilijk te realiseren is, vanwege geluidsoverlast.
Centrale bevinding is dat de rugleuninghoek essentieel is voor comfort. Met meetapparatuur bracht Vledder de contouren van de menselijke rug in kaart bij verschillende posities, van rechtop tot volledig achteroverleunend. Hoewel een volledig vlakke 180 graden het meest comfortabel is, is dit praktisch vaak niet haalbaar voor vervoerders. Vledder raadt daarom een minimale rugleuninghoek van 130 graden aan, waarin het lichaam voldoende kan ontspannen.
Daarnaast zijn verstelbare hoofdsteunen, armleuningen, beensteunen en ruimte om van houding te wisselen belangrijk. In vliegtuigen blijft dit echter vaak beperkt tot stoelen met extra beenruimte, zoals in economy plus.
Treinen bieden volgens Vledder meer mogelijkheden, vooral nachttreinen, waar het comfortniveau vaak verouderd is. Optimalisatie van rugleuninghoek en voorzieningen kan reizen comfortabeler en aantrekkelijker maken. Tot slot benadrukt de onderzoeker dat een gevoel van veiligheid bijdraagt aan een betere slaapervaring: reizigers willen hun bezittingen veilig weten terwijl ze slapen.
Bron: Omroep Delft