De koopkracht van Nederlandse huishoudens groeit in 2026 minder dan eerder tijdens Prinsjesdag werd voorspeld. Volgens berekeningen van het Nibud bedraagt de gemiddelde stijging nu 0,9 procent, tegenover 1,3 procent die in september 2025 werd voorzien. Voor huishoudens betekent dit gemiddeld zo'n vier tientjes extra per maand, aldus Nibud-directeur Mattias Gijsbertsen.
© Peter De Kievith | Dreamstime
Eerder werd een loonstijging van 4,2 procent verwacht, maar nu wordt rekening gehouden met een gemiddelde cao-verhoging van 3,7 procent. Dit voorkomt een daling van de koopkracht, maar de stijging blijft beperkt. Externe factoren zoals een strenge winter of hoge energiekosten kunnen de koopkracht zelfs negatief beïnvloeden.
© Nibud
Laagbetaalde huishoudens profiteren relatief het meest. Voor werknemers met een inkomen onder het minimumloon stijgt de koopkracht gemiddeld 2 procent door een hogere arbeidskorting. Gepensioneerden met aanvullend pensioen profiteren eveneens, vooral als zij onder het nieuwe pensioenstelsel vallen; sommige kunnen een koopkrachttoename van 5 procent zien door hogere aanvullende pensioenen.
Daarnaast kunnen mensen met een huur boven € 900 dit jaar mogelijk huurtoeslag ontvangen. Voor zelfstandigen blijft de koopkracht onder druk door een verdere verlaging van de zelfstandigenaftrek. Huishoudens zonder loonstijging lopen het risico dat hun koopkracht daalt.
Het Nibud adviseert huishoudens hun inkomsten en uitgaven goed in kaart te brengen en gebruik te maken van tools zoals de online Koopkrachtberekenaar en Bereken Je Recht voor toeslagen en bespaartips.
Bron: Nibud