De invoering van betaald parkeren op de Woonboulevard Utrecht zorgt bijna twee jaar na dato voor gemengde gevoelens. Hoewel de overlast van 'vreemdparkeerders' effectief is aangepakt, worstelen ondernemers met torenhoge kosten voor bedrijfswagenvergunningen en wegblijvende klanten in de vroege ochtenduren. Dat meldt het AD. 
Sinds mei 2024 geldt op de populaire woonboulevard op werkdagen tot 11.00 uur een parkeertarief van ruim vijf euro per uur. Het doel was om de vele forenzen die hun auto gratis op de boulevard stalden te weren, een opzet die volgens veel winkeliers is geslaagd. Echter, de financiële last voor de gevestigde retailbedrijven is volgens hen "absurd hoog".
Hoge kostenpost
Voor veel interieurzaken, keukenspeciaalzaken en meubelwinkels zonder eigen terrein zijn de parkeervergunningen een forse kostenpost geworden. Een eerste vergunning voor een bedrijfswagen kost 620 euro per jaar, maar elke volgende vergunning kost maar liefst 1.240 euro. In een sector waar vaak meerdere medewerkers en bedrijfswagens nodig zijn, loopt de rekening voor een ondernemer al snel op tot enkele duizenden euro's per jaar.
Ralph van Dormael, eigenaar van woonwinkel eLIVING, is kritisch: "De prijzen voor parkeervergunningen zijn absurd hoog, zonde van het geld." Ondernemers voelen zich gestraft voor een probleem dat zij niet hebben veroorzaakt; de overlast kwam immers van kantoorpersoneel uit de omgeving, niet van de woonretail zelf.
Drempel voor de consument
Naast de eigen kosten merken ondernemers dat het betaald parkeren tot 11.00 uur een drempel opwerpt voor de consument. Kringloopwinkel De Wijkwinkel besloot zelfs de openingstijden te verlaten naar 11.00 uur, omdat klanten de vroege uren meden om boetes en hoge kosten te voorkomen.
Van Dormael pleit daarom voor een versoepeling van de tijden: "Voor vijf euro kun je ook een lekker kopje koffie kopen. Klanten letten daarop". De vrees bestaat dat de huidige regeling de drempel om 'even' te gaan shoppen voor een nieuwe bank of keuken te hoog maakt.
Verschillen per locatie
De impact op de boulevard is ongelijk verdeeld. Terwijl grote spelers zoals IKEA beschikken over een eigen parkeergarage en sommige andere terreinen particulier bezit (en dus gratis) zijn, is de meerderheid van de ondernemers afhankelijk van de openbare ruimte. Ondanks de frustratie over de kosten, erkennen sommige medewerkers, zoals bij Tulp Keukens, dat de bereikbaarheid voor klanten die wél willen betalen is verbeterd nu de parkeerplaatsen niet meer bezet worden door niet-winkelaars.
Bron: AD